Gebouwde bunkers

Commando

1 x V149
1 x 610

Geschut

6 x luchtafweeropstelling

Levensmiddelen

2 x watervoorraad

Manschappen

2 x 622
1 x 668
8 x woonverblijf

Overig

1 x V192
1 x 645
1 x 675
2 x onbekend
1 x sauna
1 x schuilplaats
4 x tobruk

Widerstandsnest 311 lag grotendeels in het Van Stolkpark, dat door de Duinweg, Belvédèreweg en Kanaalweg omsloten werd. Hier bevond zich het hoofdkwartier van de Führer der Schnellboote. Een marinecommandant voerde het bevel over alle in West-Europa actieve Schnellboote (torpedoboten). In maart 1943 werd begonnen met de bouw van het hoofdkwartier en in december 1943 was het gereed. In het najaar van 1944 werd echter het hoofdkwartier van de Führer der Schnellboote al verplaatst naar Sengwärden. Een stafofficier en een deel van de staf bleven in het weerstandsnest achter. In november 1944 werd Widerstandsnest 311 door de Seekommandant Mittelholland in gebruiken genomen.

Commandobunker

Centraal in dit complex lag de grote commandobunker van het type V149 (Befehlstand für den Führer der Schnellboote). In de commandobunker bevonden zich vele aparte vertrekken die gelijkenis vertonen met kantoorruimtes. De bunker was voorzien van centrale verwarming en de ruimtes hadden elk een radiator aan de wand. De muren waren in verschillende kleuren gedecoreerd. In het grootste vertrek van de bunker, met een afmeting van 6,5 bij 5,5 meter, stond de zend- en radioapparatuur opgesteld. Centraal in de ruimte stond een verlichte plottafel waarop de strategische plannen konden worden geplot. Tot 6 november 1944 was in deze bunker de Führer der Schnellboote, Kapitän zur See Rudolf Petersen gevestigd. Vanaf 7 november 1944 had de Seekommandant Mittelholland, Kapitän zur See Werner Stoephasius de bunker in gebruik. De bunker was via een overdekte loopgraaf verbonden met een kleine schuilplaats naast villa Sandhage op de Hogeweg. Het commando zal in de meeste gevallen vanuit dit riante pand zijn gevoerd. In geval van een luchtalarm of ander onheil konden de werkzaamheden zich verplaatsen naar de V149.

Ondersteunende werken

Nabij de V149 lagen vijf zware bunkers: twee manschappenbunkers van het type 622 (Doppelgruppenunterstand), een keukenbunker van het type 645 (Stand für 1 Küche), een waterbergplaats van het type 675 (Kleinstunterstand für Wasserversorgung) en een commandobunker van het type 610 (Unterstand für eine verstärkte Kompanie oder für Batterieoffiziere). Beide commandobunkers stonden door middel van overdekte loopgraven met elkaar in verbinding, dit gangenstelsel stond ook in verbinding met één van de twee manschappenbunkers van het type 622 en de keukenbunker van het type 645. De tweede manschappenbunker van het type 622 lag langs de Belvédèreweg, deze was bijzonder gecamoufleerd; door middel van nepramen, deuren en zelfs een tuintje leek het sprekend op een villa. Alle overige ondergrondse bunkers hadden ondersteunende functies. Buiten het Belvédèrepark bevonden zich twee bunkers die tot het weerstandsnest behoorden; een machinebunker van het type V192 (Stand für Maschinensatz) en een manschappenverblijf van het type 668 (Kleinstunterstand für 6 Mann). Beide bunkers bevonden zich in het Westbroekpark. De machinebunker is in de zomer of herfst van 1944 gebouwd, bevond zich bovengronds maar was wel aangeaard en zo als heuvel gecamoufleerd. In de machinebunker stond een generator die het hoofdkwartier van (nood)stroom kon. In de naastgelegen manschappenbunker kon het personeel van deze machinebunker bunker worden ondergebracht. Ook van deze bunker was een kunstmatige heuvel gemaakt.

Nabijverdediging

De nabijverdediging bestond uit vier Tobruks (eenmansbunkers). De luchtverdediging bestond uit zes lichte opstellingen voor luchtafweergeschut. Deze geschutsopstellingen waren gebouwd in open beddingen. De layout rond vier van deze beddingen was bijna identiek; de bedding stond via een korte overdekte loopgraaf in verbinding met een munitiebergplaats en een manschappenverblijf. Eén van deze opstellingen lag op het hoogste punt van het terrein, de werkelijke Belvédère. Een versperring van betonnen palen en draketanden liep tussen de Scheveningseweg en de Waterpartij. Min of meer parallel aan deze versperring liep een smalle droge tankgracht welke bij de tankmuur op de Stadhouderslaan begon en in de Waterpartij uitmondde. De waterpartij zelf was tot tankgracht vergraven.

Gevorderde panden

In de omgeving van het Belvédèrepark waren een groot aantal panden, voornamelijk villa’s, door de Duitsers gevorderd en in gebruik genomen. De volgende panden waren gevorderd:

  • Hogeweg 8, 10, 12, 14, 16 en 18
  • Duinweg 22, 24, 35 en 37
  • Belvédèreweg 13, 15, 17, 19 en 21

Hogeweg 16 was in gebruik als officiersmess en kantine. Hogeweg 18, villa Sandhage, was in gebruik als commandocentrum en verblijf van de Führer der Schnellboote. De panden aan de Duinweg waren vooral in gebruik door het Gericht des Führer der Schnellboote (de rechtbank voor het gehele Führer der Schnellboote persoonneel) en de Sanitäts-offizier (medisch officier) met het bijbehorende personeel.

Bezetting

Volgens een kaart van 24 augustus 1944 werd Widerstandsnest 311 verdedigd door de Kriegsmarine, bestaande uit 24 officieren, 36 onderofficieren en 135 manschappen, met als bewapening:

  • 6 × Leichtes Maschinengewehr
  • 2 × Schweres Maschinengewehr
  • 2 × Flammenwerfer
  • 5 × 2 cm Flak
  • 1 × 4 cm Flak