Gebouwde bunkers

Commando

2 x commandobunker

Levensmiddelen

1 x watervoorziening

Medisch

1 x verbandplaats

Overig

6 x barak
2 x bergloods
1 x bergplaats
2 x garage
1 x ketelhuis
2 x loods
1 x magazijn
1 x olie-opslagplaats
6 x onbekend
1 x privaatgebouw
18 x schuilkelder
5 x schuilplaats
1 x transformatorbunker
1 x wachtlokaal

Voor de oorlog

Vliegveld Ypenburg werd in 1936 geopend als terrein voor sportvliegers. De mobilisatie in 1939 maakte een einde aan de sportvliegerij want het leger nam Ypenburg in gebruik, waardoor het op 29 augustus 1939 de status van militair vliegveld kreeg. In de vroege ochtend van 10 mei 1940 vielen de Duitse krijgsmachten Nederland binnen. Ook Vliegveld Ypenburg werd aangevallen. De gebouwen en het veld waren door het Duitse bombardement zwaar beschadigd, en raakten daarna nog meer beschadigd door de Nederlandse herovering. Na de Nederlandse capitulatie werd het vliegveld door Duitsers gevorderd en werd alle schade hersteld. Vanaf de herfst van 1940 werd het vliegveld door de bezetter aangeduid als Flugplatz Den Haag. Het vliegveld werd uitgebreid en er werd een houten landingsbaan aangelegd. Ook lag er een betonnen startbaan van 800 meter die van het noordoosten naar het zuidwesten liep.

Indeling

Het vliegveld werd alleen gebruikt voor het vervoer van hooggeplaatste Duitse functionarissen en het transport van goederen en post van en naar Den Haag. Hiervoor was het vliegveld voorzien van een Fliegerhorst Gefechtsstand waarin de lokale vluchtleiding was ondergebracht. De bunker bevond zich aan de noordoostelijke zijde van het vliegveld, aan de rand van de start- en landingsbaan. De locatie was zo gekozen omdat er op die wijze een goed overzicht was over het vliegveld. Door middel van de observatiesleuf kon de vluchtleiding het start- en landingsterrein observeren. Pal voor het stationsgebouw bevond zich de Gefechtsstand für Fliegerhorstkommandant (Kleine Gefechtsstand). Op het vliegveld bevonden zich een aantal graven met de lichamen van 27 Duitse militairen die op 10 mei 1940 omkwamen. De stoffelijke overschotten waren vrijwel allemaal zwaar verminkt en verbrand. Op 19 februari 1946 werden de stoffelijke overschotten opgegraven en vervolgens in zeven graven bijgezet op de Algemene Begraafplaats Westduin in Den Haag. In augustus 1948 werden de stoffelijke overschotten wederom opgegraven en naar de Duitse militaire begraafplaats in Ysselsteyn overgebracht.

Opheffing

De Duitsers kwamen er al snel achter dat het veld erg kwetsbaar was voor Engelse bombardementen. Verder liep de conditie van de landingsbaan door een slechte drainage steeds verder terug. Er werden zelfs sloten dwars op de houten landingsbaan aangelegd, die de bezetter vlak daarvoor voor veel geld had aangelegd. Daarnaast was men bezig om op de zandstroken startbanen aan te leggen maar in 1943 werd toch besloten om het vliegveld buiten dienst te stellen. De hangars werden gedemonteerd en naar Duitsland afgevoerd, net als het houtwerk van de inmiddels gereed gekomen delen van de startbanen. Ook de luchtafweerbatterijen met de zoeklichtopstellingen waren opgeheven.

V1

In het najaar van 1944 werden op het vliegveld de voorbereidingen getroffen voor de plaatsing van een lanceerinrichting voor V1’s. Het vliegveld werd nu aangeduid als Stellung 538. De eerste lancering vond op 3 maart 1945 plaats. Dankzij een tip kwamen de Engelsen achter de lanceerlocatie en als gevolg werd op 23 maart 1945 het veld door de RAF gebombardeerd en beschoten. Hierdoor was de lanceerplaats voor de V1’s onherstelbaar beschadigd geraakt. In verband met hulpoperaties Manna en Chowhound diende het terrein in 1945 als een van de elf afwerpterreinen voor voedseldroppings boven West-Nederland. Tussen 29 april en 8 mei wierp de RAF circa 1500 ton voedsel uit boven het vliegveld.